City trip in Rajasthan: twee dagen Jaipur

In de late voormiddag kwamen we aan in de hoofdstad van Rajasthan na een vijf uur durende treinrit vanuit Jodhpur. De aprilse hitte in Jaipur is als een slag in het gezicht. Je kan niet anders dan zweten. Bovendien was het alsof er tien treinen tegelijk waren aangekomen – het was er verschrikkelijk druk.

Gedurende de bijna twee uren dat we stonden te wachten op onze driver aan het station bleven we maar aanbiedingen naar ons hoofd geslingerd krijgen van mannen die ons wilden helpen met onze bagage, ons de weg naar hun tuktuk wilden wijzen of hun taxi services aanboden voor een “special price, only for you my friend”.

jaipur-rajasthan

Uiteindelijk vond Paras ons dan toch in de drukte. Paras is een werknemer van de ouders van Nipun, die ons verwelkomd hadden in hun huis in Delhi een week eerder. Paras zou met ons de stad verkennen en telkens een driver regelen die de hele dag met ons zou rondrijden. Hij was een kleine, enthousiaste kerel die best goed Engels sprak en overbezorgd om ons heen drentelde. Nog voor we onze bagage konden afzetten wou hij al aan onze tour beginnen, dus we beseften al snel dat we hem af en toe wat zouden moeten intomen.

Nadat we ons geïnstalleerd hadden in onze kamer in het moderne Metropolitan hotel (maar wifi was niet inbegrepen? fail!) begon de city tour. Tijdens de rit naar onze eerste bezienswaardigheid werd het duidelijk waarom Jaipur bekend staat als de Pink City: alle gebouwen hebben er een roestkleur. Met wat verbeelding dus roze, denk ik.

Jaipur-rajasthan Jaipur-rajasthan

We begonnen met een bezoek aan Hawa Mahal, ook bekend als het Paleis der Winden. De gevel is relatief bekend vanwege de 365 vensters die het kenmerken. De raampjes met kleurrijk glaswerk dienden om de koninklijke vrouwen die in het paleis wonen te verbergen van de buitenwereld. Zij mochten van hun religie en vanwege de koninklijke gewoontes niet op straat komen. Daarna wandelden we verder naar de City Palace, waar we een kleine snack verorberden en de sfeer opsnoven in de monarchistische omgeving. Jantar Mantar hebben we wegens tijdsgebrek overgeslagen.

In de namiddag gingen we verder naar Jal Mahal en Fort Amer, het meest bekende fort van de stad. Jal Mahal is een privédomein met een groot, geel, “verzonken” paleis midden op een meer. Je kan het bekijken vanop een gezellige boulevard waar veel kramers prulletjes verkopen. Na het bezoek aan Fort Amer en een verfrissend drankje in het Mayfair hotel kwamen we terug om de lichtjes van het paleis te zien blikkeren over het water.

Amber fort is opnieuw anders dan alle andere forten die we al bezochten en nog zouden bezoeken. Het is amberkleurig (surprise!) en wordt “bewaakt” door een hele familie aapjes. Ik denk dat we wel twintig minuten naar de speelse beestjes hebben staan kijken, gewoon omdat ze zo’n grappige streken bleven uithalen.

Volgens mij kan je wel een halve dag in Fort Amer doorbrengen. Het is énorm groot en je raakt zo verdwaald. Er is zelfs een Starbucks aan de uitgang! Trouwens, als iemand je aanbiedt om je een rondleiding te geven, wordt er natuurlijk van je verwacht een fooi te geven. Niemand doet dit uit pure goedheid in toeristische trekpleisters natuurlijk… (Ja, ik had me laten vangen.) ’s Avonds gingen we lekker eten in een restaurant dat we hadden gevonden op TripAdvisor.

De volgende dag voelde mijn vader zich opnieuw ziek. Het was al snel duidelijk waarom dat zo was ondanks de medicijnencocktail die hij aan het innemen was en die onmiddellijk had lijken te helpen. De vorige dag terwijl hij op mij aan de uitgang van Fort Amer stond te wachten had hij een typisch Indisch drankje gedronken aan een streetfood stalletje. Indiërs vinden het geweldig (en mijn papa blijkbaar ook, want hij had nog een tweede besteld); ik vind het verschrikkelijk. Het is water met zout en citroen, maar het is lauw want je kan niet zomaar een koelkast zetten in India natuurlijk. Het is heel waarschijnlijk dat dat water bovendien niet gezuiverd is. Vandaar dat mijn vader waarschijnlijk opnieuw ziek werd – u zijt bij deze gewaarschuwd!

Jaipur-rajasthan-jal-mahal Jaipur-rajasthan-jal-mahal

De meeste zaken dat we de volgende dag bezochten heb ik dus alleen gedaan. In het gezelschap van Paras weliswaar, die bovendien zijn jongere zus mee op sleeptouw had genomen. We bezochten nog twee forten: Jaigarh Fort, dat over Amer Fort uitkijkt en bovendien het grootste ooit in gebruiken genomen kanon plek geeft, en Nahargarh Fort, een enorm gangencomplex dat vanop het dak een mooi panoramisch uitzicht biedt over Jaipur.

De namiddag bracht ik door aan het dakzwembad van ons hotel terwijl mijn papa wat ging uitrusten op de kamer. ’s Avonds bezochten we eerst de ouders van Paras, die ons “op de chai gevraagd hadden”, en proefden we huisgemaakte Indische zoetigheden.

Daarna bezochten we het Disney-achtige dorpje (maar dan op zijn Indisch natuurlijk) Choki Dhani. Het is een geweldig mooi verlicht artificieel stadje waar je de geschiedenis van de staat kan verkennen, typische gerechtjes kan proeven en naar allerlei performances kan gaan kijken. Ook deed ik er, op vraag van Paras’ zusje, mee een olifantenritje. Het is een leuke manier om de cultuur en geschiedenis van Rajasthan te bewaren, ook voor de locals.

Lang zijn we er niet kunnen blijven, omdat ik moe was van een hele dag rond te lopen in die ongelofelijk hitte en omdat mijn papa zich nog steeds niet goed voelde. Maar Choki Dhani was absoluut een hoogtepunt van ons bezoek aan Jaipur!

De volgende ochtend heel vroeg vertrokken we naar de luchthaven, op weg naar de bestemming die het hoogtepunt van onze reis zou moeten worden: Kashmir.

Het Indische sprookje in Rajasthan (Jodhpur)

Eén ding was zeker toen ik naar India kwam: Rajasthan mocht niet overgeslagen worden. Waarom? Omdat het beschreven wordt als het land waar de sprookjes van duizend-en-een-nacht zich afspeelden, omdat je er een kamelentour in de woestijn kan meemaken, en omdat de prinsentraditie zich nergens zo duidelijk uitdrukt als hier.

Nu, die kamelentour is er niet van gekomen. Gelukkig had ik de kans al eerder gegrepen om een keer met een kameel te rijden in Puri. Udaipur is de plek waar je dit gewoonlijk kan doen, maar daar was het ondraaglijk warm in maart/april en ook door tijdsgebrek dus uitgesloten. Ga je in de kerstvakantie naar India of een andere koelere periode, moet je dit zeker bij je programma toevoegen!

Na een lange treinrit kwamen we aan in Jodhpur. Papa en ik moesten in verschillende klassen reizen. Om een lang verhaal kort te maken: we hadden te laat geboekt en stonden op de wachtlijst. Dit is blijkbaar een populair traject. Op het moment van vertrek hadden we eigenlijk maar één officieel ticket, dat in eerste klasse. In ons compartimentje (met vier bedden in plaats van de gewoonlijke acht) had één van de passagiers echter een ticket voor derde klasse op overschot dat hij niet zou gebruiken. Dat heeft hij aan ons geschonken. Hoeveel geluk kan je hebben?! En hoe gul kan je zijn?

Aangezien ik al wel vaker in derde klasse heb gereisd en mijn papa niet zo op zijn gemak was tijdens zijn eerste Indische treinrit bood ik aan om dat ticket te nemen, maar uiteindelijk ben ik dan toch maar in eerste klasse gebleven. Het is immers minder gepast dat een meisje alleen reist. En aangezien de mannen in dit compartiment duidelijk vriendelijk en behulpzaam waren, was dat de beste oplossing. Ik heb nog nooit zo goed geslapen op een trein!

In Jodhpur moesten we onze plan trekken. Ik regelde een Ola en bestelde chai terwijl we wachtten. Ik blijf het grappig vinden om de chaiwalla’s (iemand die thee serveert) hun stomverbaasde gezichten te zien als ik het drankje ga bestellen dat eigenlijk bestemd is voor de armen. Maar wat kan ik eraan doen dat het zo lekker is?

Balsamand-Lake-Palace-Jodhpur-Rajasthan

Onze Ola chauffeur bracht ons naar het hotel. Balsamand Lake Palace is een voormalig paleis. Alleen al in het hotel zelf kan je een halve dag doorbrengen gewoon door alle hoekjes en kantjes van de bijhorende gronden te verkennen. We kregen opnieuw wat chai terwijl we wachtten om naar onze kamer gebracht te worden met een soort van uit de kluiten gewassen golfkarretje.

De kamer zelf is toch wel een korte beschrijving waard. Na een wandeling door de marmeren inkomhal, stopten we voor een deur die evengoed een kerkerdeur kan zijn. Deze deuren leidden naar een zaal. De zaal moest onze kamer voorstellen. Het plafond bevond zich méters boven ons. Er waren twee super zachte bedden, een woonkamergedeelte, twee bureaus, een schommelbed en de ramen waren helemaal uit gekleurd glaswerk. Aan elke kant van de kamer was er bovendien een badkamer volledig uit marmer.

Dit zou de presidential suite zijn in eender welk ander hotel. En toch betaalden we niet meer dan een kamer in de Ibis tijdens hoogseizoen. Sprookjes uit duizend-en-een-nacht? Hell yeah!

DSC02447 Balsamand-Lake-Palace-Jodhpur-Rajasthan

Het was meer dan veertig graden in Jodhpur, dus kozen we ervoor eerst een frisse duik te nemen in het paleislijke zwembad en te wachten tot zonsondergang – al om vijf uur in India – voor we de stad introkken. Aangezien we de enigen waren die ons om dit uur aan het zwembad waagden, was het net alsof ik aan mijn eigen oase lag. Zalig!

Jodhpur wordt ook wel de Blue City genoemd, maar dat wordt pas duidelijk als je de hoogte ingaat. We verkenden de Old Town en trotseerden de enorme drukte op de markt om de armbanden, saree stoffen, kruiden en meer te bewonderen.

Ik liet mijn papa ook zijn eerste pani puri proeven, maar hij was al ziek van het Indische eten van de vorige dagen – het zal niemand verbazen, ik had tegen dan al permanent maagproblemen – dus hij proefde er slechts één. Pani puri is typische streetfood uit Rajasthan. Het is een soort krokant rijstbolletje waar men een gat induwt en vult in een pot met gekruid water (pani = water). Het is een beetje pikant.

blue-city-jodhpur-rajasthan

Maar opgelet! Standaard regel in India: als je streetfood wil proberen, ga dan waar de Indiërs gaan. Grote kans dat het er net iets hygiënischer is. Pani puri op straat proberen is ook altijd een beetje een risico: het biedt een hoge kans op ziek worden. Hoe weet je immers of ze gezuiverd water gebruiken? Gelukkig had ik een goed stalletje gekozen!

Daarna bestelde ik opnieuw een Ola om ons naar On the Rocks te brengen, dat ons was aangeraden door een van mijn treingenoten. Eigenlijk vormt het een complex met meerdere restaurants, cafés en winkeltjes. Het is zo gestyled dat het net is alsof je in een grottenstelsel rondloopt. We zouden er de volgende middag terugkeren om het Italiaanse restaurant uit te proberen. Je kan zowel binnen als buiten heel gezellig zitten. Die avond aten we op de patio met kiezelsteentjes onder romantische verlichting en een sterrenhemel.

De volgende ochtend bracht een Ola ons naar het 600 jaar oude Mehrangarh Fort, ook wel bekend als de Petra van Rajasthan omdat het net uit een rots lijkt uitgehouwen. Het is enorm vermoeiend om te bezoeken in zulke hitte (het was opnieuw +40°C) omdat het veel bergop en –af is. Maar het is wel de moeite, al is het maar om te zien waar de naam Blue City vandaan komt! Binnenin heb je een aantal musea die we bezochten om toch maar wat verkoeling te krijgen. Wat verder ligt er nog een andere mooie tempel, Jaswant Thada, die je makkelijk van hieruit kan bezoeken. Een bekende maharaja (of Indische koning) ligt hier begraven.

Jaswant-thada-jodhpur-rajasthan Jaswant-thada-jodhpur-rajasthan

’s Middags wilden we in het meest indrukwekkende hotel van Jodhpur gaan lunchen (Umaid Palace), maar je moest er minstens 10,000 rupees spenderen (of €140, wat een klein fortuin is in India). Dus dan zijn we maar teruggekeerd naar het grottencomplex van de vorige avond. Onderweg stopten we nog aan drie verschillende apothekers om medicijnen voor mijn papa te verzamelen, die zich almaar slechter begon te voelen. De warmte deed hem ook geen goed, dus besloten we de namiddag opnieuw aan het zwembad door te brengen voor wat noodzakelijke verkoeling.

Balsamand-Lake-Palace-Jodhpur-Rajasthan Balsamand-Lake-Palace-Jodhpur-Rajasthan

Die avond gingen we eten in een ander restaurant dat ons was aangeraden: Hanwant Mahal. Het ligt bovenop een bergtop en bood een schitterend uitzicht op de lichtjes van de stad en Umaid Palace. Het eten was bovendien overheerlijk en overvloedig.

De volgende ochtend vroeg vertrokken we opnieuw naar het treinstation om onze verkenning van Rajasthan verder te zetten. Op weg naar Rajasthans hoofdstad: Jaipur.